Posts

Er worden posts getoond met het label natuur

blaadjesdans

Afbeelding
Even een moment van stilte van Zijn genieten een meditatief moment. Laat je meenemen door klank en beeld.

de popfase

Afbeelding
De popfase is de allermoeilijkste maar ook de meest belofterijke fase. Want na de pop komt de vlinder. Bijna iedereen is nog een rups. Vol van zichzelf op wat voor manier dan ook, met wat dan ook gevuld. Van daaruit geven we het leven vorm of beter gezegd dat waar we vol van zijn geeft zich door ons heen vorm. Hier is niks mis mee, er wil nog veel ervaren worden. Maar eens komt de popfase, de verpopping. En die is heel moeilijk voor het ego. Juist omdat je dan niet zoveel meer kunt doen, alles doorzien is. Je niet meer voor zoveel vol kan gaan, alles illusie. Zoveel leeg geworden waar je eerst vol van was. En juist dan komen de mogelijkheden, als er een stuk van verstilling binnenin komt. Overgave aan het niets, alles overgeven, loslaten. Dan kan er binnenin een transformatie een omzettingsproces plaatsvinden. Aan dat proces kunnen we verder niet zoveel actief bijdragen, en dat vind t ego juist het allermoeilijkste. Het ego wil doen, van alles doen, das veilig, dat...

de tovenaar

Afbeelding
Stilstaan bij het leven. Nadenkend, bezinnend, bespiegelend. Ik probeer innerlijke rust te vinden, maar gedachtenflitsen vallen me als vliegen lastig. Ik herkauw het leven wat geweest is, mijmerend over toen het anders was. Er gaat af en toe een rilling door mijn lijf bij een nare herinnering. Allerlei beelden schieten door mijn hoofd. Diepe triestheid kijkt me aan vanuit het gebladerte. Pijn, angst. Duisternis alomtegenwoordig. Kijk ik mezelf aan? Een klein vrouwtje komt langs. Af en toe staat ze stil, bewegingloos, verstild. Heldere ogen. Een lichtschijnsel glijdt zachtjes voorbij. Even licht alles op, maar verdwijnt dan weer in de duisternis. Het lijkt alsof de boomwezens met me willen praten, maar ik ben doof voor wat ze zeggen. Ik zie slechts hun uitdrukking die voor zichzelf spreekt. Er steekt een hoofd uit de stam van een kale boom. Spottend kijkt het voor zich uit in het niets. Op het hoofd zit een mensachtig wezen. Het rust tegen een dode stam. In all...

de mind

Afbeelding
Rusteloos en wreed lag daar de zee, ver voorbij de palmen; nooit was ze kalm, altijd omstuimig door golven en sterke stromingen. In de stilte van de nacht hoorde je haar gebulder ver het land in, als een diep stemgeluid dat waarschuwing en dreiging inhield. Maar hier onder de palmen waren de schaduwen diep, hier heerste stilte. Het was volle maan en het leek bijna daglicht, maar dan zonder de hitte en het verblindende daarvan en het licht op de wuivende palmen was mild en liefelijk. De schoonheid bestond niet alleen uit het maanlicht op de palmen, maar ook uit de schaduwen, uit de ronde stammen, de glinsterende stroming van het water, de vruchtbare aarde. De aarde, de hemel, de voorbijganger, de kwakende kikkers en het verre fluiten van een trein - het was alles een enkel levend en door de geest niet te meten geheel. De geest is een verbazingwekkend instrument; geen enkele door de mens gemaakte machine is zo complex en zo vernuftig, of met zo oneindig veel mogelijkheden uitgerust...

ontevredenheid

Afbeelding
De mist had heel de dag aangehouden en toen hij tegen de avond optrok stak er een wind op uit het oosten - een droge, scherpe wind die de dode bladeren van de bomen afblies en de grond deed opdrogen. De nacht was stormachtig en dreigend; de windkracht was toegenomen, het huis kraakte ervan en takken werden van de bomen gerukt. De volgende morgen was de lucht zo helder dat het leek of je de bergen kon aanraken. Met de wind was ook de hitte teruggekeerd; maar bij het luwen van de wind in de late namiddag kwam de mist weer aanrollen uit zee. Wat is de aarde toch uitzonderlijk mooi en rijk! Nooit krijg je er genoeg van. De droge rivierbeddingen staan vol leven; steekbrem, klaprozen, rijzige gele zonnebloemen. Op de keien zie je hagedissen; een bruin met wite geringde koningsslang ligt te zonnen, zijn warte tong flitst in en uit, en aan de overzij van het ravijn blaft een hond die achter een buidelrat of een konijn aan zit. Tevredenheid is nooit een resultaat van vervulling van een we...

medegevoel

Afbeelding
Heel rustig was het die avond onder de boom. Even schoot een hagedis omhoog en weer omlaag op een nog warme rots. Maar de nacht zou fris zijn en het zou heel wat uren duren eer de zon weer opkwam. Het vee was loom en traag teruggekeerd van de verafgelegen akkers, waar het met zijn manvolk had gezwoegd. De basstem van een uil kraste vanaf de heuveltop, die zijn vaste verblijf was. Hij placht daar iedere avond om deze tijd mee te beginnen en bij het donker worden werd zijn roep minder veelvuldig; al hoorde je hem af en toe nog wel eens midden in de nacht. De ene uil placht de andere te roepen van de overkant van het dal; het was of hun hese en diepe geluid de nacht nog groter stilte en schoonheid verleende. Het was een mooie avond en de nieuwe maan ging onder achter de donkere heuvelrand. Intens meegevoel is niet moeilijk te ervaren wanneer je hart niet vol is van de slimme bedenksels van het verstand. Het is immers het verstand, de geest met zijn eisen en angsten, zijn gehechthede...

avond-impressie

Afbeelding
De rivier was hier heel breed, wel haast anderhalve kilometer, en ook heel diep; in het midden van de stroom was het rivierwater blauw en helder, maar naar de oevers toe was het troebel, verontreinigd en traag. De zon ging onder achter de immense, in alle richtingen uitwaaierende stad verder stroomopwaarts; de rook en het stof van de stad sluierden de dalende zon met prachtige kleurschakeringen, die zich weerspiegelden op de uitgestrektheid van kabbelend water. Het was een heerlijke avond - elke grasspriet, de bomen en de kwetterende vogels, alles baadde in een sfeer van tijdloze schoonheid. Nergens een breuk, nergens een scheur in de eenheid. Ook het geraas van een trein over de ver verwijderde brug maakte deel uit van de volledige stilte. Dichterbij hoorde je een visser zingen. Langs beide oevers  lagen brede stroken bewerkte akkers en overdag lagen die sappige velden er stralend en uitnodigend bij; nu lagen ze daar duister, eenzelvig en zwijgend. Aan deze kant van de rivier ...

onderweg

Afbeelding
De weg slingerde zich bochtig door de heuvels, de ene eindeloze kilometer na de andere. Brandend lagen de stralen van de middagzon over de gouden heuvels en de verspreid staande bomen getuigden met hun diepe schaduwen van hun eenzame bestaan. Kilometers in de omtrek was geen spoor van een woning te zien. Naar het noorden toe was de hemel diepblauw, naar het westen toe verblindend licht. Het land was hier, hoe onvruchtbaar en eenzaam het er ook bij lag, merkwaardig levend van sfeer en ver van alle menselijke vreugde en pijn. Vogels waren er niet en evenmin zag je er wilde dieren, op de enkele veldeekhoorns na die dwars over de weg renden. Water was nergens te zien, behalve op een of twee plekken waar vee aanwezig was. In de regenperiode zouden de heuvels groen, mals en aantrekkelijk worden, maar nu waren ze stug en streng, met de schoonheid van alles vullende stilte. De blauwe hemel en de golvende gouden heuvels waren tastbaar in hun uitgestrektheid en blijvendheid, maar maakten t...

de coyote, de kwartel en de Liefde

Afbeelding
Hoe moeilijk was het niet, tussen de heuvels een coyote, een soort wilde prairiewolf, te zien te krijgen! Zijn kleur was gelijk aan die van de rotsen en hij deed zijn uiterste best om onzichtbaar te blijven. Je moest hem geen moment uit het oog verliezen en zelfs dan nog was hij opeens verdwenen en lukte het je niet hem van de achtergrond te onderscheiden! Je keek en keek of er iets bewoog - maar nee, niets. Misschien kwam hij dadelijk wel naar die diepe poel in de bedding. Niet lang geleden had er een verwoestende brand tussen de heuvels gewoed en toen had het wild zich teruggetrokken; maar nu waren enkele exemplaren teruggekomen. Dwars over het pad leidde een moederkwartel haar pasgeboren kuikentjes - het waren er meer dan een dozijn; voorzichtig stuurde zij ze op een bosje dicht struikgewas af. Het waren niet meer dan geelgrijze, zachte ronde veren balletjes, nog zo onwennig in deze gevaarlijke wereld, maar vol geestdriftig leven. Onder dat struikje waren er verschillende b...

hitte

Afbeelding
Achter de wazige verten lagen het witte strand en de koele zee, maar hier was het onduldbaar heet, zelfs onder de bomen en binnenshuis. De hemel was niet echt blauw meer en het was alsof de zon elk vochtdeeltje had opgeslorpt. Het briesje vanuit zee was gaan liggen en de bergen achter ons, scherp omlijnd en als binnen handbereik, weerkaatsten de brandende stralen van de zon. De hond lag rusteloos te hijgen alsof zijn hart zou springen van de ondragelijke hitte. Al maandenlang waren week in week uit de dagen wolkeloos en zonnig en de heuvels, eerst groen en mals na de lenteregens, waren nu bruin verbrand en de aarde was hard en droog. Toch boden ook nu de heuvels nog iets van schoonheid, zacht oplichtend voorbij de groene eiken en het goudkleurig hooi, met boven hen torerend de naakte rotsen van het gebergte. Het pad dat door de heuvels heen naar de hoge bergen leidde was stoffig, stenig en oneffen. Beekjes waren er niet, nergens klonk geruis van stromend water. De hitte was ...

regendans

Afbeelding
Al een paar dagen was het noodweer, met harde windvlagen en felle stortregens. De aarde zoog het water in en het stof van vele zomers werd van de bomen gespoeld. Het had in dit deel van het land al verscheidene jaren niet goed geregend, maar die schade werd nu wel ingehaald, tenminste, dat hoopte iedereen, en het geluid van de regen en het stromende water had een ondertoon van vreugde. toen we gingen slapen, regende het nog steeds en het gekletter van de regen op het dak was goed te horen. Er klonk een dansend ritme in en je hoorde ook de vele beken ruisen. Maar wat was het 's ochtends toen weer heerlijk! De wolken waren verdwenen en overal rondom blonken de heuvels in de vroege ochtendzon; ze waren allemaal schoongespoeld en de lucht was vervuld van zegening. Alles was nog in rust en alleen de bovenste toppen van de heuvels gloeiden. Over een paar minuten zou het dagelijkse rumoer beginnen, maar nu heerste er diepe stilte in het dal, ook al murmelden de beekjes en al was in ...

op de heuvel

Afbeelding
Het uitzicht vanaf de heuveltop was niet zo adembenemend als nu en dan het geval is bij sommige vergezichten, die met hun grootsheid en hun stilte het bewustzijn schoonvegen. Hier was dat niet zo.. Hier heerste een vredige bekoring, overvloedig en teder; hier zou je tijdloos kunnen leven, zonder verleden en zonder toekomst, omdat je één was met deze hele wereld vol verrukking. Je was hier niet de mens, de vreemdeling uit een ander land, je was die heuvels, die geiten en die geitenhoeder. Je was de hemel en je was de aarde die in volle bloei stond; je was daar niet van gescheiden, je maakte er deel van uit. Maar je was je niet bewust dat je er deel van uitmaakte, net zomin als die bloemen zich dat bewust waren. Je was die stralende velden, de blauwe zee en die trein daarginds, met zijn reizigers. Jij bestond niet, jij die kiest, die vergelijkt, die handelend optreedt en die streeft; je was een deel van het geheel. Iemand zei dat het al laat was en dat we moesten vertrekken, dus da...

de vesting

Afbeelding
Een goed onderhouden weg liep tot aan de voet van de heuvel; daarvandaan ging een pad naar omhoog. Boven op de heuvel stond de reüne van een heel oude vesting. Duizenden jaren geleden was het een formidabel bouwwerk geweest, een fort van kolossale rotsblokken en van trotse zalen met pilaren en mozaïekvloeren, marmeren baden en vertrekken. Hoe dichter je die citadel naderde, des te hoger en dikker werden de muren en des te krachtiger moet ze verdedigd zijn; toch werd ze veroverd, vernietigd en herbouwd. De buitenmuren waren opgetrokken uit enorme rotsblokken die zonder voegwerk op elkaar gestapeld waren. Binnen de muren lag een oude metersdiepe put, met treden naar beneden. De treden waren glad en glibberig en de zijwanden van de put glommen van het vocht. Alles was nu tot een ruïne vervallen, maar het prachtige uitzicht vanaf de top van de heuvel was gebleven. Ver naar links zag zag je de flonkerende zee, die grensde aan brede open vlakten met heuvels op de achtergrond. Niet zo v...

de boom

Afbeelding
De vogels en de geiten waren allemaal ergens anders en het was ongewoon stil en eenzaam onder de wijdvertakte boom, die helemaal in een grote uitgestrektheid van goed bebouwde, weelderig groene velden stond. Even verderop lagen de heuvels, weinig uitnodigend in het scherpe licht van de middagzon, maar onder de boom was het aangenaam koel en donker. In zijn eenzaamheid had deze enorme, indrukwekkende boom immense kracht en symmetrie gebundeld. Hij was een en al vitaliteit, hij stond daar helemaal alleen en toch leek hij heel zijn omgeving te beheersen, zelfs de heuvels in de verte. De dorpsbewoners vereerden hem; tegen zijn kolossale stam stond een gehouwen brok steen waar iemand heldergele bloemen op had gelegd. 's Avonds kwam er niemand in de buurt van de boom; zijn eenzaamheid was te overweldigend en het was beter hem overdag te vereren, als er volop schaduw was, terwijl de vogels kwetterden en je menselijke stemmen hoorde klinken. Maar op dit uur zaten alle dorpelingen bij...

de rivier

Afbeelding
De zee lag achter de bergen aan de oostkant van het dal en midden door het dal stroomde een rivier kalm zeewaarts. De rivier viel het hele jaar niet droog en zelfs waar ze de behoorlijke grote stad passeerde was ze mooi. De stedelingen gebruikten haar overal voor: om te vissen, om in te baden, als drinkwater, om rioolslijk mee af te voeren, en bovendien werd er fabrieksafval in geloosd. Maar de rivier schudde al dat menselijk vuil van zich af en algauw nadat ze de bewoonde wereld achter zich had gelaten, was haar wateroppervlak weer helder en blauw. Een brede weg langs de rivier liep in westelijke richting omhoog naar theeplantages in de bergen; hij maakte allerlei bochten en raakte soms een eind van de rivier af, maar je hield er meestal wel het zicht op. Naarmate de weg steeg, waarbij hij de rivier bleef volgen, werden de plantages groter en hier en daar zag je fabrieken waar de thee werd gedroogd en verder werd bewerkt. Algauw werden de plantages immens groot en er kwamen bruise...

natuur en mens

Afbeelding
De rijstvelden aan weerskanten van de weg lagen weelderig groen te blinken in de warme zonnestralen en de rijstvogeltjes met hun trage vleugelslag tekenden zich wit af tegen de blauwe heuvels voorbij de velden. Een lange bruinige slang was het water uit gekropen en lag te rusten in de zon. Op het bruggetje was een schitterend blauwe ijsvogel neergestreken, die zich gereedmaakte voor een nieuwe duikvlucht. Het was een heerlijke ochtend, niet al  te warm, en de eenzame palmen hier en daar tussen de velden hadden veel te vertellen. De groene velden en de blauwe heuvels vormden een harmonische eenheid, als een lied. De tijd leek heel snel voorbij te gaan. In de blauwe lucht cirkelden de haviken; zo nu en dan streken ze neer op een tak om hun veren glad te strijken; dan opeens gingen ze er weer vandoor, roepend en rondjes vliegend. Er waren ook diverse adelaars, wit van hals en goudbruin van lijf en vleugels. Tussen het pas opgekomen gras zag je grote rode mieren; ze renden schokker...

het pelgrimspad

Afbeelding
Het had 's nachts geregend en de fris geurende aarde was nog vochtig. Het pad liep van de rivier af tussen oeroude bomen en mangobosjes door. Het was een pelgrimsweg die vele duizenden hadden betreden, want het was een traditie van al meer dan twintig eeuwen dat elke rechtgeaarde pelgrim dit pad moest volgen. Maar voor pelgrims was het niet de goede tijd van het jaar en deze morgen liepen er alleen de mensen uit het dorp. Ze boden een fraai schouwspel, in hun bontgekleurde kleding, met de zon achter zich en met vrachten hooi, groenten en brandhout op hun hoofd; ze liepen gracieus en waardig, ze lachten en praatten over dorpsaangelegenheden. Zover het oog reikte lagen aan weerskanten van het pad groene akkers met winterkoren, met brede stroken met erwten en andere groenten voor de markt. Het was een heerlijke morgen, de hemel was helderblauw en het land was rijkgezegend. De aarde was een en al leven, overvloedig, weelderig en geheiligd. Dit was niet het geheiligde van iets dat...

Eenheidservaring afsluiting

Afbeelding
Er was een einde aan de tijd gekomen; er was geen verleden, geen heden en geen toekomst. Er was alleen - ja, een aanwezigheid - nee, dat is niet het woord. Het was of de aarde, met alles erop en erin, in een toestand van zegening verkeerde en of ik, terwijl ik in de richting van het park liep, daar deel aan had. Toen ik dicht bij het park kwam, was ik ronduit verrukt van de schoonheid van die mij zo vertrouwde bomen. De bladeren, van bleekgeel tot bijna zwartgroen, dansten van louter leven; ieder blad onderscheidde zich van alle andere en uit één enkel blaadje sprak de hele rijkdom van de aarde. Ik was me ervan bewust dat mijn hart snel klopte; ik heb een sterk hart, maar toen ik het park inging kon ik haast geen adem krijgen en ik dacht dat ik zou flauwvallen. Ik ging op een bank zitten en de tranen rolden me over de wangen. Er heerste een stilte die absoluut ondraaglijk was, maar die stilte ontdeed alles van pijn en van leed. Toen ik verder het park inging, hoorde ik muziek klink...

fantasie

Afbeelding
Het was heet die dag, vochtig warm. In het park lagen veel mensen languit op het gras of ze zaten op een bank in de schaduw van een dikke boom; ze dronken koele dranken en snakten naar een beetje zuivere, frisse lucht. De hemel was grauw, er stond geen aasje wind en de lucht was doordrongen van de giftige dampen van de immense grote, gemechaniseerde stad. Buiten, in het open ve;d, moet het heerlijk geweest zijn, want het voorjaar ging juist over in de zomer. Sommige bomen zouden er net beginnen uit te lopen en langs de weg die naast de brede rivier liep, zouden alle mogelijke bloemen bloeien. Diep in het bos zou die eigenaardige stilte hangen waarin je haast kunt horen hoe er van alles geboren wordt; de bergen, met hun diepe dalen, zouden blauw zijn en het zou er heerlijk geuren. Maar hier in de stad...! De fantasie vertekent onze waarneming van de feiten, van dat wat is, maar wat zijn we ondanks dat trots op ons voorstellingsvermogen en onze bespiegelingen. De bespiegelende gee...

de rivier

Afbeelding
De zee lag achter de bergen aan de oostkant van het dal en midden door het dal stroomde een rivier kalm zeewaarts. De rivier viel het hele jaar niet droog en zelfs waar ze de behoorlijke grote stad passeerde was ze mooi. De stedelingen gebruikten haar overal voor: om te vissen, om in te baden, als drinkwater, om rioolslijk mee af te voeren, en bovendien werd er fabrieksafval in geloosd. Maar de rivier schudde al dat menselijk vuil van zich af en algauw nadat ze de bewoonde wereld achter zich had gelaten, was haar wateroppervlak weer helder en blauw. Een brede weg langs de rivier liep in westelijke richting omhoog naar theeplantages in de bergen; hij maakte allerlei bochten en raakte soms een eind van de rivier af, maar je hield er meestal wel het zicht op. Naarmate de weg steeg, waarbij hij de rivier bleef volgen, werden de plantages groter en hier en daar zag je fabrieken waar de thee werd gedroogd en verder werd bewerkt. Algauw werden de plantages immens groot en er kwamen bruise...